|
Rasbeschrijving
De
kat die wij heden ten dage kennen als de British Shorthair oftewel de Brits
Korthaar heeft zijn fokwortels in Groot Brittanië.
Eind vorige eeuw liepen er in Engeland mooie stevige huiskatten rond die, met de opkomst van de catfancy ook geregistreerd en geshowd werden en waar
men mee begon te fokken.
Vanaf ongeveer 1930 tot en met de tweede wereldoorlog werden er helaas niet zoveel Brits Korthaar meer gefokt in Engeland, want de Siamees en de
Perzisch Langhaar hadden hem in populariteit voorbij gestreefd.
Vlak na de tweede wereldoorlog herleefde de belangstelling in Engeland gelukkig weer voor de kat van eigen bodem.
Omdat er op dat moment echter niet zoveel meer over waren die qua kleur en bouw aan het gewenste stevige type beantwoordden, werd als partner vaak een
effen, meestal blauwe Perzisch Langhaar gekozen.
Het type is daardoor enorm vooruit gegaan.
De huidige Brits Korthaar is dus een door fokkers bedachte kat.
Het is een teddybeer-model kat met een rond, stevig uiterlijk en een pluche dicht ingeplante vacht.
Zo kan gesteld worden dat er in zo'n honderd jaar fokgeschiedenis de
teddybeer onder de katten eerst in elkaar gezet en daarna van de meest
uiteenlopende kleuren en patronen voorzien is.
Een breed scala van kleuren zijn mogelijk bij de Brits Korthaar, maar de
meest voorkomende kleuren zijn blauw, zilvertabby, crème, zwart en wit. In opkomst zijn de kleuren chocolate, lilac en colourpoint. De meest recent
geïntroduceerde kleuren zijn cinnamon en fawn.
De eerste langhaar x korthaar kruisingen vonden plaats tussen 1900 en 1930 en dan betrof de langharige partner meestal een blauwe kat, simpel omdat
blauw als de 'sjiekste' kleur werd beschouwd en mensen naast de blauwe langhaar een korthaar in die kleur op prijs stelden en wilden.
Karakter
De Brit is een vriendelijk en gezellig huisdier. Als hij is opgegroeid zoals
het hoort, gezellig in de huiskamer, dan is er weinig, dat hem uit zijn
evenwicht zal brengen.
Honden zijn lekker warm en hebben meestal wel een plekje over in de mand, waar je je bolle Brittenlijf in kunt
draaien; kinderen zijn leuk, als ze lief voor je zijn en met je spelen; de tuin is prachtig, want daar zijn vogeltjes en
vlinders en vissen in de vijver en soms ook sneeuw! Maar bovenal, het leven is leuk, omdat hij een eindeloos vertrouwen heeft in ons. Houd er daarom
altijd rekening mee, dat je een Brit in bescherming moet nemen tegen exemplaren van de menselijke soort, die geen respect en gevoel hebben voor
dieren. Hij begrijpt absoluut niet, dat iemand hem kwaad zou willen doen.
Britten spelen veel, met een propje papier, een pingpong-balletje, een
speelgoedmuis, zelfs een kattenbrokje, alles is leuk. Zo kun je ze ook leren apporteren. Zelfs een kat van tien jaar of ouder is van tijd tot tijd dol op
een spelletje. En knuffelen met de baas is ook heerlijk. Heeft die even geen tijd, pech gehad, straks misschien wel.
Tot op hoge leeftijd blijft een Britse Korthaar er bijna altijd fraai
uitzien. Een Britse Korthaar kan bijna altijd redelijk goed tegen alleen zijn. Meestal gaat hij slapen, omdat er toch niets aan is, als hij alleen thuis
is. Als je dan thuis komt, begint het pas weer leuk te worden voor hem. Het is daarom wel aan te raden om hem een speelkameraadje te geven, als je
iedere dag van huis bent; een saai leven is ook niet alles.
Export
Vanaf de zestiger jaren van de vorige eeuw werden er vele Britten
geëxporteerd naar Amerika, Australië en naar het vaste land van Europa, vooral naar Nederland, België, Frankrijk en de Scandinavische landen. Enkele
Engelse Brittencattery's hebben veel katten geëxporteerd naar deze landen. Deze catterynamen komen voor in alle 'lijnen'en hun katten kwamen voort uit
fokprogamma's als eerder beschreven.
De fokkers buiten Groot Brittanië fokten hier mee door op eenzelfde wijze als men in het moederland deed.
Telkens als men het type dreigde te verliezen ofwel als men een nieuwe kleur wilde gaan fokken ging men naar een langhaar in de gewenste kleur toe.
Ook in Groot Brittannië ging men hier mee door, heden ten dage, in zeer beperkte mate.
|